Vrijdag 22 september 2017

Du'a Rabbana

Rabbanaa  aa-tinaa fid-dunyaa hasnatan,  wa fiel aa khi rati hasnatan,  wa qinaa azaaban-naar.(Q 2:20) <><> Onze heer, schenk ons in deze wereld en in de volgende het goede en behoed ons voor de straf van het vuur.

 

Rabbanaa afrigh alaynaa sabran,  wa thabbit aqdaamanaa, wansurnaa alal qaumil kafierien(Q 2:250).<><> Onze heer stort geduld over ons uit en maak onze voetstappen vast(standvastig) en help ons tegen het ongelovige volk.

 

Rabbanaa laa tua khiznaa inna-sienaa aw akh-taanaa, rabbanaa wala  tahmiel-naa iesran kaamaa hamal-tahoe, alal laziena mien kab-lienaa, rabba-naa wa la toeham-miel­ naa, maa lataa kata-lanaa biehiee, waafoe annaa, wagh-fier-lanaa, war­ham­naa, anta mauw-laan­aa fan-soernaa alal-kaw-miel kaa-fie­rien. (Q 2:286)

Onze heer, straf ons niet als wij vergeten of fout hebben begaan; Heer , belast ons niet, zoals U degenen die voor ons waren heb  belast; onze heer,  belast ons niet met datgene, waarvoor wij de kracht niet hebben te dragen, wis onze fouten uit en schenk ons vergiffenis en wees voor ons barmhartig, U bent onze meester, help ons daarom tegen het ongelovige volk.

 

Rabbanaa la tuzigh quloe banaa bada iz hadaitanaa wahab lanaa mil-ladunka rahmáh, innaka antal wah-haab.(Q 2:8).<><> Onze heer, laat ons hart niet afdwalen nadat U ons hebt recht geleid en schenk ons Uw barmhartigheid; waarlijk U bent de Milddadige.

 

Rabbanaa innanaa aaman-naa faghfir-lanaa zunoebanaa wa qina azaaban-naar.

(Q 3:16).>>>Onze heer, voorzeker hebben wij geloofd, vergeef ons daarom onze zonden en red ons van de straf van het vuur.

 

Rabbanaa wa aa-tinaa maa wa at-ta-naa a-laa rusulik, wa laa tukhzinaa yau-mal qiyaamah, innaka laa tukhliful  mie-aad.(Q 3:194).  <><> Onze heer, schenk ons hetgeen U ons door Uw boodschappers hebt beloofd en verneder ons niet op de Dag der Opstanding. Voorzeker U breekt de belofte niet.

 

Rabbidj-alnie muqiemas-salaati wa min zurriy-yatie; Rabbanaa wa taqabbal du’a, Rabbanagh-firlie wali-waalidayya, wa lil mu’miniena yauma yaqoemul hisaab.

(Q 14:40-41).<><>  Mijn Heer maak mij en mijn kinderen, onderhouders van het gebed. Onze heer aanvaard mijn gebed. Onze heer, vergeef mij en mijn ouders en de gelovigen op de Dag waarop de afrekening zal plaatsvinden.

 

Rabbighfirlie wali waalidayya warham-humaa kamaa rabbayaani saghiera.(Q 17:24)

Mijn Heer, ontferm U over mij en over mijn ouders daar zij mij opvoedden toen ik jong was.

 

Rabb zidnie ilman-naafi’a, war-zuqnie fah-ma(n)w-waasi’a.(Q 20:114).

Mijn heer, doe mij toenemen in de kennis, die nuttig is voor mij en schenk mij voorziening, die ik met mijn verstand kan vermeerderen(uitbreiden).

 

Rabbanaa hablanaa min azwaadjinaa zurriy-yaatinaa qurrata a’yun,  wadj alnaa  lil muttaqiena imaamaa. (Q 25:74)  <><> Onze Heer, maak onze echtgenoten en kinderen tot troost der ogen en maak ons tot voorbeeld voor de godvruchtigen.

 

Laa ilaaha illa Anta sub-haa-naka innie kuntu minaz-zaalimien.

Er is geen God behalve U, verheerlijk bent U, Waarlijk ik was onder de zondaren.